Het VGTC werkt aan zijn opdracht vanuit de volgende waarden en visie:

  • Het VGTC beschouwt de Vlaamse Gebarentaal als een volwaardige taal met een eigen grammatica en een eigen woordenschat.
  • Het VGTC beschouwt taal als een fundamenteel element in identiteitsvorming. (Talige) identiteiten zijn volgens ons echter dynamisch (cf. het concept “Deafhood”) en contextafhankelijk: doven bewegen zich in verschillende gemeenschappen en kunnen zich met verschillende (taal)gemeenschappen identificeren.
  • Het VGTC beschouwt de gemeenschap van VGT-gebruikers als een diverse taalgemeenschap. Vlaamse Gebarentaal is een taal die door verschillende groepen met andere graden van competentie gebruikt wordt, onder wie Dove moedertaalgebaarders, maar evengoed d/Doven die pas op latere leeftijd VGT verwerven en horenden die VGT als moedertaal of als een vreemde taal leren. Het VGTC verzet zich echter ook tegen hokjesdenken en beschouwt de verschillende groepen VGT-gebruikers niet als rigide categorieën.
  • Het VGTC onderstreept het belang van samenwerking tussen doven en horenden. Dit uit zich zowel in de samenstelling van de vereniging als in de aanwerving van betaalde medewerkers.
  • Het VGTC is overtuigd van de rijkdom van een tweetalige opvoeding ten opzichte van een opvoeding in één taal. Dit is het tegenovergestelde van de overheersende visie dat VGT enkel geleerd moet worden “als het nodig is”.
  • Het VGTC ziet VGT als een middel om een grotere toegankelijkheid van de maatschappij voor doven te bevorderen en vooral als een belangrijk element in het streven naar volwaardig burgerschap voor doven.